1. Home
  2. Pijnbestrijding
  3. Hoofdpijn

Hoofdpijn

Hoofd- en aangezichtspijn hebben verschillende oorzaken. De hoofdpijn is secundair bij o.a. een hersenschudding of griep. De hoofdpijn is primair bij bijvoorbeeld migraine, clusterhoofdpijn en spanningshoofdpijn. De neuroloog, tandarts of kaakchirurg heeft mogelijk al onderzoek gedaan naar de oorzaak van de pijn.

We onderscheiden de volgende soorten hoofd- en aangezichtspijn:

  • Trigeminusneuralgie
  • Glossopharyngeusneuralgie
  • Persisterende idiopatische aangezichtspijn
  • Clusterhoofdpijn
  • Migraine
  • Spanningshoofdpijn
  • Medicatie-afhankelijke hoofdpijn
  • Cervicogene hoofdpijn
  • Occipetalisneuralgie

Trigeminusneuralgie

  • Aanvalsgewijze pijn in een of meer takken van de nervus trigeminus. Een aanval duurt enkele seconden tot minuten.
  • De pijn is intens, scherp, oppervlakkig of stekend. De pijn wordt uitgelokt door stimulatie van uitlokzones of factoren.
  • Aanvallen zijn steeds hetzelfde op dezelfde plaats.
  • Er zijn geen tekenen van een zenuwaandoening of uitval.
  • De pijn wordt niet veroorzaakt door andere aandoeningen.

Behandelingsmogelijkheden voor hoofdpijn:

  • Antineuropatische medicatie.
  • Percutane radiofrequente thermolaesie van het ganglion van Gasser.
  • Een microvasculaire decompressie: deze operatie wordt door de neurochirurg gedaan.
  • Stereotactische radiochirurgie (Gamma knife surgery).

 

Glossopharyngeusneuralgie

Kortdurende aanvalsgewijze aangezichtspijn. De pijn heeft de volgende karakteristieken:

  • De pijn is eenzijdig gelokaliseerd.
  • De pijn is aanwezig in het achterste deel van de tong, tonsil, farynx of beneden de hoek van de onderkaak en of in het oor.
  • De pijn is scherp en stekend.
  • De pijn kan uitgelokt worden door slikken, kauwen, praten, hoesten en gapen.

Aanvallen zijn steeds hetzelfde.

  • Bij neurologisch onderzoek is er geen evidente afwijking aanwezig
  • De klachten kunnen niet worden toegeschreven aan een andere aandoening.

Behandelingen

  • Antineuropatische medicatie
  • Operatieve rhizotomie
  • Microvasculaire decompressie: deze operatie wordt door de neurochirurg gedaan
  • Stereotactische radiochirurgie ( gamma knife surgery)

Persisterende idiopatische aangezichtspijn

  • Pijn in het aangezicht, dagelijks gedurende de hele dag of grotendeels op de dag.
  • De pijn beperkt zich in het begin tot één kant van het gezicht. De pijn zit diep en is slecht te lokaliseren.
  • De pijn is niet geassocieerd met verlies van het gevoel.
  • Aanvullend onderzoek toont geen relevante afwijkingen.

Behandelingen

  • Antineuropatische medicatie
  • Radiofrequente thermolaesie van het ganglion pterygopalatinum

Clusterhoofdpijn

Eenzijdige, heftige, borende pijn, rondom of achter een oog. De pijn gaat gepaard met tranen, een rood oog, een verstopte neus of loopneus, zwetend voorhoofd, een ptosis of miosis (hangend ooglid of vernauwing van de pupil) of ooglidzwelling. Vaak forse bewegingsdrang. De aanvallen duren 15 tot 180 minuten en komen vaak 's nachts voor.

Behandelingen

  • Zuurstofinhalatie
  • Sumatriptan
  • Ergominetartraat

Preventieve behandeling

  • Verapamil
  • Methysergide
  • Prednison
  • Lithium

 

Migraine

Dit is een chronische neurovasculaire aanvalsgewijze aandoening, waarbij neurologische en algemene symptomen in wisselende combinaties voorkomen. Hoofdpijn is hier vrijwel altijd een belangrijk onderdeel van.

Minstens vijf aanvallen van hoofdpijn van 4 tot 72 uur (onbehandeld).

Met minstens twee van de volgende vier:

  • Eenzijdig
  • Kloppend
  • Matige tot heftige pijn
  • Verergering bij lichamelijke activiteit

Plus minstens een van de volgende twee:

  • Misselijkheid
  • Foto- en fonofobie

Migaineaura

Minstens twee aanvallen met het volgende:

Minstens één van de volgende drie, maar geen verlamming:

  • Volledig reversibele visuele verschijnselen: lichtflitsen, vlekken, lijnen of gezichtsverlies.
  • Volledig reversibele sensibele verschijnselen: tintelingen of verdoofd gevoel.
  • Volledig reversibele spraakstoornis.

Minstens twee van de volgende:

  • Aan dezelfde zijde visuele verschijnselen en/of eenzijdige sensibele verschijnselen.
  • Minstens een auraverschijnsel ontwikkelt zich geleidelijk in > 5 minuten en/of verschillende auraverschijnselen komen achtereenvolgend voor binnen > 5 minuten.
  • Elk verschijnsel duurt > 5 minuten en < 60 minuten.

Hoofdpijn begint tijdens de aura of volgt binnen 60 minuten na het stoppen van de aura. Geen andere verklaring voor de verschijnselen.

Behandelingen:

Niet specifieke middelen

  • Algemene pijnstillers
  • Algemene pijnstillers voorafgaand middel tegen misselijkheid
  • NSAID's
  • Specifieke antimigrainemiddelen

Spanningshoofdpijn

De oorzaak heeft niks met spanning te maken. Meestal is de oorzaak onduidelijk.

Episodische vorm

Minstens 10 episoden: < 180 dagen per jaar of < 15 dagen per maand hoofdpijn. Hoofdpijn duurt 30 minuten tot 7 dagen. Minstens twee van de volgende:

  • Drukkende pijn
  • Milde matige pijn
  • Bilaterale pijn
  • Geen verergering bij traplopen

Beide volgende:

  • Geen misselijkheid
  • Geen foto- en fonofobie

Geen andere verklaring voor de hoofdpijn

Chronische vorm

  • > 15 dagen/maand en minstens 6 maanden hoofdpijn
  • Verder als episodische vorm

Behandelingen

Behandeling medicamenteus heeft het risico voor medicatie afhankelijke hoofdpijn.

Medicatie afhankelijke hoofdpijn

Patiënten met deze hoofdpijn behandelen vaak zichzelf met pijnstillers die zonder recept verkrijgbaar zijn. Door het chronisch gebruik treedt er een gewenning op en dan resulteert het niet innemen van medicatie in hoofdpijn als onttrekkingsverschijnsel.

De hoofdpijn is > 15 dagen per maand aanwezig met minstens één van de volgende drie:

  • Beiderzijds
  • Drukkend
  • Mild tot matig ernstig

Simpele pijnstillers op > 15 dagen per maand gedurende > 3 maanden.

De hoofdpijn is ontstaan of duidelijk verergerd tijdens overmatig gebruik van medicatie. De hoofdpijn verdwijnt of keert terug naar het oorspronkelijke patroon binnen 2 maanden na stoppen.

Behandelingen:

De beste behandeling is voorkomen. Het stoppen van alle pijnstillers en preventieve middelen tegen hoofdpijn.

Cervicogene hoofdpijn

Deze hoofdpijnklachten komen vanuit de nek en zijn voornamelijk gelokaliseerd aan één zijde van het hoofd. Vaak gaat deze hoofdpijn gepaard met bewegingsbeperking in de nek en kan druk in de nek de hoofdpijnklachten opwekken. Ook is er soms uitstraling in de schouder/arm aan dezelfde zijde.

Behandelingen:

  • Fysiotherapie
  • Medicamenteuze therapie
  • Manuele geneeskunde
  • Facetblokkade
  • PRF wortel C2-C3
  • PRF AA-joint

Occipetalis neuralgie

Stekende, of drukkende pijn vanuit de nek met uitstraling over de schedel. Soms wordt de pijn tot achter de ogen gevoeld. De pijn wordt veroorzaakt door een geïrriteerde zenuw. Deze zenuw, nervus occipitalis major, loopt vanuit hoog in de nek, tussen de nekspieren door naar de achterkant van de schedel.

Behandelingen

  • Antineuropatische medicatie
  • Echogeleide injectie met corticosteroden
  • PRF van een perifere zenuw
  • PRF van de wortel C2-C3

Informatie verzoek

Vul uw naam in
Vul een geldig e-mailadres in

Deze website plaatst cookies. Dit doen we om onze site gebruiksvriendelijker te maken, onder andere door analyse van het bezoekersgedrag. Maar je blijft anoniem. Als je verder surft accepteer je onze cookies.